Je kunt hier de eerdere delen van ‘Memoires van een beginnend tennisspeler’ lezen.

Op 1 januari 2017 beslis ik dat het anders moet. Op de weegschaal is ruim 82 kilogram af te lezen, meer dan ooit tevoren. Snelle koolhydraten en frisdrank behoren tot het verleden en ik wil meer bewegen. In mijn bureel installeer ik een hometrainer die mijn ouders twintig jaar geleden voor mijn vader hebben gekocht. Het ding is grijs en wit en waggelt als je erop gaat zitten. Voor het ontbijt ga ik een halfuur fietsen. Wanneer ik voetbal kijk, dan fiets ik. Wanneer ik tennis kijk, dan fiets ik. Ook ’s nachts. Als ik wakker word en niet meteen opnieuw de slaap kan vatten, dan hoor ik de lokroep van de hometrainer. Ik kruip even uit bed, ga fietsen, neem een douche en ga terug slapen. Het is een obsessie geworden. Tegen eind april staat de teller op min acht kilogram. Tegen de zomer heb ik mijn streefgewicht van zeventig kilogram bereikt. Waar ik enkele maanden geleden tijdens een enkelwedstrijd mezelf na elk punt puffend terug naar de basislijn sleepte, kan ik inmiddels moeiteloos twee uur na elkaar intensief tennissen. Ik voelde me nooit fitter.

***

“In de ogen en aan de lichaamstaal van mijn medeleerlingen is plezier af te lezen. Zij zijn hier voor een gezellig onderonsje, een theekransje met een tennisracket.”

Tijdens het voorjaar schrijf ik me in voor de tennislessen die de club organiseert. Onze groep bestaat uit drie. De anderen, moeder en dochter, zijn absolute beginners. In hun ogen en aan hun lichaamstaal is plezier af te lezen. Zij zijn hier voor een gezellig onderonsje, een theekransje met een tennisracket. Ik brand van ongeduld. Tijdens de acht keer dat we op woensdagavond gedurende een uur zullen samenkomen wil ik zoveel mogelijk leren. Onze leraar is een jonge twintiger en als B-speler een van de sterspelers van de club.

“Ik tennis als een houthakker, iemand die met een botte bijl grote hompen hout in stukken slaat.”

Het duurt niet lang voor ik met al mijn onvolmaaktheden wordt geconfronteerd. De tennisleraar zegt het niet, maar ik zie wat hij denkt: die man speelt als een houthakker, iemand die met een botte bijl grote hompen hout in stukken slaat. Ik moet de bal strelen en onder de bal kruipen. Bij het volleren stap ik met de verkeerde voet naar voren en hou mijn tennisracket te laag. Ik moet een split step uitvoeren en de bal rustig wegleggen zegt hij, terwijl hij het voordoet. Mijn eenhandige backhand is een losgeslagen armzwaai – de timing zit volledig verkeerd. Maar het ergste is het gesteld met mijn opslagbeweging. De opgooi is veel te laag en tijdens de beweging laat ik het racket te weinig in mijn nek vallen. Met de instructies van de trainer in het achterhoofd onderneem ik verschillende pogingen. Het voelt als leren lezen. Heel aarzelend puzzel ik de aanwijzingen in elkaar. Haast altijd vliegt de bal mijlenver uit of belandt onder in het net. ‘Het is moeilijk als je al wat ouder bent,’ zegt hij met een uitgestreken gezicht. Zijn woorden hakken er stevig in.

“Wanneer ik ’s nachts wakker word, sla ik, liggend op mijn rug, mijn backhand in het ijle.”

Net als tijdens mijn dieet vertoon ik obsessief gedrag. De lessen blijven door mijn hoofd dansen. Het gebeurt tijdens het werk, tijdens het douchen, en ook wanneer ik in het midden van de nacht wakker word. Ik sla, liggend op mijn rug, mijn backhand in het ijle. Ik bekijk tientallen YouTube-filmpjes. Ik kijk naar de profspelers: naar hun houding, naar hun techniek en welk been ze als voorste plaatsen bij het spelen van een forehand- en backhandvolley. Ook dan ben ik ongeduldig: ik spoel door bij instructies en wil enkel beelden zien.

Wanneer ik de daaropvolgende maanden opnieuw wekelijks op donderdagavond tegen mijn vaste dubbelpartner speel, probeer ik los te laten. Ik mag niet denken aan winnen. Ik moet werken aan mijn techniek. Het punt opbouwen en niet meteen voor de winner willen gaan. Ik had mezelf tot juli gegeven om alles onder de knie te hebben. Die deadline ben ik voorbij. Ik voel voor de allereerste keer het ondenkbare: mijn zin in het spelletje is kleiner geworden.

Lees hier het laatste deel van ‘Memoires van een beginnend tennisspeler’.